50-jarig stadsjubileum, Hollandia, 1960

“Op 4 september 1909 verliet het stoomschip ‘Van den Bosch’ van de Koninklijke Paketvaart Maatschappij de rede van Soerabaja met de expeditie in haar geheel aan boord. Deze bestond uit: kapitein der Infanterie F.J.P. Sachse, leider; l ste luitenant der Infanterie G.A. Scheffer; officier van Gezondheid O.I.L. Badings; luitenant ter zee der 2 klasse A.F.H. Dalhuisen, astronoom; 80 onderofficieren en soldaten marechaussee = 4 brigades; 60 dwangarbeiders (gestraften); ± 80 vrouwen van de soldaten en een aantal kinderen; de nodige bedienden alsmede ongetwijfeld ook één of meer opnemers. Later werd dit aantal aangevuld tot ca 270 personen. Zo werden er onderweg te Ambon een 30-tal roeiers aangeworven, meest Ternatanen, waarvan velen Sachse reeds kenden van zijn verblijf op Seram; ook werden er nog dwangarbeiders nagezonden. Dwangarbeiders waren misdadigers die door een rechtbank tot dwangarbeid waren veroordeeld. In het voormalig Nederlands-Indië bestond het gebruik dat dwangarbeiders, ook wel aangeduid met ‘kettingberen’, tewerkgesteld konden worden op militaire buitenposten op een ander eiland dan waar ze vandaan kwamen. Ze werden daar belast met allerlei werkzaamheden ten behoeve van het militaire onderdeel; ook verrichtten zij diensten als dragers bij de veel voorkomende expedities en patrouilles. Het was de onderofficieren en de soldaten vergund hun vrouwen en kinderen mee te nemen. ‘Ja, daar heb ik wel voor gezorgd’, vertelde Sachse 50 jaar later, in 1960, bij een interview dat hem werd afgenomen i.v.m. het 50-jarig bestaan van Hollandia, intussen de hoofdstad van Nederlands Nieuw-Guinea. Ik zei: ‘Expeditie naar Nieuw-Guinea? Alles best, maar geef mij de vrouwen en kinderen mee. Anders krijgen die lui heimwee en daar heb ik dan een heleboel spul mee’. 

De stichters van Hollandia

In de vroege morgen van de 23ste september 1909 wierp de pakketboot ‘Van den Bosch’ in de Humboldtbaai voor de noordkust van Nieuw-Guinea, niet ver van de grens met het Duitse gebied, het anker uit. Sachse, Scheffer, Dalhuisen en Badings gingen met een sloep aan land om allereerst een geschikte plek te vinden, waar zij gedurende twee jaren afgezonderd van de buitenwereld in een hun volkomen onbekend gebied zouden kunnen wonen. Tegen de middag ontdekten zij een zandstrook met enige klapperbomen (kokospalmen). Een beek met kristalhelder water mondde hier in zee uit. Met algemene stemmen werd besloten dat dit de meest ideale bivakplaats was en nog dezelfde dag werd begonnen met het aan land brengen van bouwmaterialen en levensmiddelen. Dit geschiedde in stromende regen, iets waarmee de expeditie veel te maken zou krijgen. Drie dagen later voer de ‘Van den Bosch’ weg, nagewuifd door een kleine groep mensen, nat en verkleumd in de zoveelste tropische regenbui. En toen de rookpluim van het schip achter de kaap Soeadja was verdwenen, veroorzaakte de wetenschap dat het schip pas over twee maanden zou terugkeren, ook bij Sachse, ondanks zijn vierjarige rimboe-ervaring eerder op het eiland Seram opgedaan, een gevoel van verlatenheid. Het terrein was pas voor een klein deel open gekapt, net genoeg voor het plaatsen van enige schamelijke barakken gedekt door rollen imitatieleer, welke barakken in de afgelopen dagen waren opgericht. Midden tussen de barakken een reusachtige piramide van medegebrachte materialen en geconserveerde levensmiddelen. Enige depressie was dus wel vergefelijk; maar indachtig aan de woorden van Xavier Privas: Si tu veut être libre et fort, travaille! Si tu veut être respecté, travaille! Si tu veut soutenier tes droits, travaille! Si tu veut forcer ton destin, travaille! werden deze onmiddellijk in toepassing gebracht en door de ijver en de toewijding van de door elkaar werkende soldaten, dwangarbeiders, vrouwen en zelfs kinderen, keerde de opgewekte geest even gauw terug. Men moest beginnen met een plek open te kappen waarop een bos van veertig klapperbomen stond. Toen de eerste bijlslagen de paradijsvogels uit het oerwoud verschrikt deden wegvliegen, verschenen er plotseling enige Papoea’s die beweerden dat de klapperbomen aan hun toebehoorden. Zij waren niet al te vriendelijk, maar Sachse had het probleem gauw opgelost. Hij legde veertig zilveren rijksdaalders op een rijtje in het zand, voor iedere klapperboom één. De Papoea’s verdwenen verrukt met hun schitterende en rinkelende schat in de rimboe en men kon doorgaan met kappen. Sachse gaf aan het bivak de naam Hollandia; later zouden sommige mensen beweren, dat hij hiertoe werd geïnspireerd door de geweldige voorraad melkproducten, die hij had meegenomen in grote kisten, waarop men in alle hoeken en gaten van het bivak Hollandia las. Maar zo was het niet. De Duitsers hadden 15 mijl verderop een basis die zij Germania Ecke oftewel Germaniahoek hadden genoemd. En Sachse dacht: Wat Germaniahoek? Dan wij ook zo iets: Hollandia.”

Een nieuwe nederzetting was geboren. Ruim vijftig jaar later werd de stichting van Hollandia op grootse wijze herdacht. De Nieuw-Guinea Koerier berichtte:

uitnodiging voor het feest

“Op maandag 7 maart a.s. viert de Hollandiase burgerij het feit dat vijftig jaar geleden Hollandia officieel is gesticht. De organisatie van de feestelijkheden is in handen van het ‘Comité Viering Hoogtijdagen’, in de wandeling beter bekend als het ‘Oranjecomité’. Voor zover deze plannen min of meer vaste vorm hebben aangenomen, mogen wij een tip van de sluier oplichten. De dag wordt begonnen met een landing van KNIL-soldaten, in de uniformen van 1910, die, onder leiding van hun ‘kapitein Sachse’, de vlag zullen hijsen, waarna zowel het naambordje van de ‘Kapitein Sachseweg’ als het monument ‘50 jaar Hollandia’ zullen worden onthuld. Over dit monument hierna meer. Vervolgens zullen achtereenvolgens wielerwedstrijden en prauwenwedstrijden worden gehouden, waarna de ochtend zal worden besloten met ‘admiraalzeilen’ alles behoudens goedkeuring van Z.E. de Gouverneur om van deze 7e maart een vrije dag te maken. In de namiddag zal er een optocht van versierde auto’s plaats vinden, waarna de Pasar Malam zal worden geopend. (…)

Reeds thans moet de aandacht worden gevestigd op het op te richten monument dat het gesaneerde centrum van Hollandia zal verfraaien. Het ontwerp kon de goedkeuring van allen, die het gezien hebben, volledig wegdragen en de Adviesraad was enthousiast. Echter, het moet bekostigd worden. Het Oranje Comité zal in de komende weken een openbare verantwoording in deze krant houden. Gecollecteerd wordt er niet. U kunt uw bijdrage, als individuele bijdrage dan wel als groepsbijdrage, bij de bekende adressen storten, waarvan wij U noemen: Martens (limonadefabriek), Ing. Boshuizen (RWD), mevrouw Graafland, Firma Nieuwenhuijs, Mr. Adriaansens, als ook bij de Nieuw Guinea-Koerier. Welk kantoor  zal gezamenlijk de hoogste bijdrage storten? Hollandia zal laten zien dat het burgerzin kan opbrengen. De verantwoording zal plaats vinden onder het motto: ‘Een gift van iedere burger ad- 100 cent, geeft ons het Hollandia monument!’”

In het blad verscheen natuurlijk ook een verslag van de viering zelf:

“Hollandia heeft haar vijftig jarig bestaan op waardige wijze herdacht. Om kwart over zeven in de ochtend van maandag 7 maart j.l. naderde uit zee een barkas die vele camera’s en filmtoestellen tot zich trok. Aan boord waren de als KNIL militairen geklede groep veteranen, die de landing van Kapitein Sachse vijftig jaar geleden deden herleven. Van heinde en ver waren de mensen samengestroomd om het schouwspel bij te wonen. Zodra de barkas aan de steiger tegenover het politiebureau had aangelegd sprongen twee mannen aan land die met getrokken klewang positie innamen om dekking te geven aan het zich ontschepende detachement. Een gebeurtenis als ontelbare malen door het Koninklijke Nederlands Indisch Leger in voorbije dagen uitgevoerd kreeg opnieuw leven bij de landing op het Imby terrein. Geheel uitgerust volgens het oude KNIL marcheerde de troep onder aanvoering van de heer van Dijk, die de rol van kapitein Sachse vervulde, naar de vlaggenmast bij het Hollandia monument. Te 7.20 uur was hier de commandant Zeemacht, schout bij nacht Platerink met zijn echtgenote aangekomen. Spoedig hierna arriveerde Z.E. de Gouverneur en mevrouw Patteel, die werden begroet door de Resident van Hollandia Eibrink Jansen en diens echtgenote. Onder de aanwezigen waren voorts, de Kolonel De Rook der Mariniers, het hoofd van Plaatselijk Bestuur en vele andere autoriteiten.

Het hijsen van de vlag

De hoornblazer voorop marcheerde het detachement door de haag van mensen voor Z.E. de Gouverneur en de autoriteiten het carré binnen en stelde zich op tegenover de vlaggenmast waar reeds een detachement van de Algemene Politie en een groep van het Veteranen Legioen Nederland, de laatste onder commando van de Ridder Militaire Willemsorde Van Oort, stonden opgesteld.
Twee onderofficieren traden uit de KNIL groep naar voren bij de vlaggenmast De commando trad voor de microfoon en kondigde in het Maleis en Nederlands het hijsen van de vlag aan. De autoriteiten gaven gevolg aan bet sein van de hoornblazer en stram in de houding volgden, de geüniformeerden, het hijsen van de vlag terwijl KNIL en Politie het geweer presenteerden. Een driewerf hoera besloot deze plechtigheid.
Met de vlag in top sprak de Resident van Hollandia vervolgens de aanwezigen toe en schilderde in een rede hoe de stad Hollandia van een bivak in de afgelopen vijftig jaar uitgroeide tot een stad. (…)

Het monument ‘Hollandia 1910-1060’ dat op 7 maart 1960 werd onthuld.

De resident besloot zijn rede met een opwekking om gezamenlijk te streven naar het doel dat ons allen bindt, het stichten van een evenwichtige en bloeien de gemeenschap. Wanneer dat streven zoals wij allen hier staan, in ons is, dan is deze feestdag, nu wij terugblikken over de geschiedenis van de afgelopen jaren, een waarlijk grootse feestdag, aldus mr. Eibrink Jansen.

En het werd een grootse feestdag nadat de voorzitter van het comité de onthulling van het Hollandia monument aankondigde en hierbij memoreerde dat de kosten voor de bouw hiervan door de burgerij zelve worden gedragen. Z.E. Gouverneur Platteel plantte, hiertoe uitgenodigd bij het monument een boom, welke handeling door tientallen fotografen en filmers werd vastgelegd. Hierop volgde de onthulling door de Resident van het straatnaambord van de nieuwe weg die men in vroeger dagen slechts wist aan te duiden met ‘voor Omlo’. Thans heeft deze straat de naam ‘Kapitein Sachseweg’, waaronder ‘Stichter van Hollandia, 7 maart 1910’. Het officiële gedeelte was hiermede ten einde.”

 
Technische gegevens
Monument: 50-jarig bestaan Hollandia
Locatie:  preciese locatie onbekend, Hollandia/Jayapura
Onthulling: 1960
Opdrachtgever: Comité Viering Hoogtijdagen (Oranjecomité) (particulier)
Ontwerp: onbekend
Uitvoering: onbekend
Duur: onbekend
x

Bronnen
Nieuw Guinea Koerier, 6 februari 1960
Nieuw Guinea Koerier, 8 maart 1960
Beknopt verslag met foto’s met betrekking tot de verrichtingen van het militaire exploratiedetachement Noord-Nieuw-Guinea 1909-1910. Stichting Papua Erfgoed PACE.
Foto´s grotendeels afkomstig van een foto-album, in beheer bij PACE, in 1960 geschonken aan Sachse en gouverneur Platteel.

Genodigden, onder wie gouverneur Platteel en echtgenote
Militairen in KNIL-uniformen beelden de groep uit van kapitein Sachse.
Militairen in KNIL-uniformen beelden de groep uit van kapitein Sachse.
Militairen in KNIL-uniformen beelden de groep uit van kapitein Sachse.
Het monument ‘Hollandia 1910-1060’ dat op 7 maart 1960 werd onthuld.
Het monument
Onthulling van het straatnaambord
Gouverneur Platteel plant een matoa-boom bij het monument.
Leden veteranenlegioen
Het monument, enkele jaren na de onthulling. De boom groeit flink…
Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s